Jaja..... Als jullie dit berichtje lezen zitten mijn 2 weken in bali er alweer op... Het was warm, vochtig, fantastisch mooi en onvergetelijk.
Ik ben nog nooit eerder in een land geweest waar de mensen echt zo oprecht vriendelijk waren. Overal waar je kwam werd je begroet met een grote glimlach.
Vol ongeduld wachtte ik op de luchthaven dan ook op Steven. En het weerzien was er eentje uit de film ze, na 3 maanden sms-en, bellen en slechte-verbinding-skypen waren we echt blij elkaar weer in levende lijve te kunnen zien.
De eerste avond verbleven we in Kuta, waar we nu toch wel onze ogen hebben opengetrokken. We voelden ons eerder in australie dan in bali.... Je kunt het vergelijken met het betere oh-oh cherso.
Waren wij blij dat we daar na 1nacht alweer vertrokken...
Na deze eerste kennismaking vreesde ik eigenlijk al het ergste, maar de volgende dagen bleken ons onze rust te gunnen. Na een paar dagen in het zuiden trokken we naar ubud, een fantastisch leuke plaats. Vol met kleine winkeltjes, galleries, kleine arts and crafts winkeltjes, en het monkey forest. De naam zegt het eigenlijk zelf al, een soort bos/park vol vol vol met apen! En ja, die komen ook op je kruipen :) . Eerst voelde ik een mooie band met de aapjes, die zo schattig en kief waren, en mij aaikes kwamen geven, maar op weg naar de uitgang kwam ik een aap tegen die wat minder lief was en mij toch wel een kleine beet gegeven heeft.... gelukkig vaccineren ze de apen daar regelmatig, en ja, dit kleine aapje is ook gevaccineerd. Tot nu toe hangt mijn arm er ook nog aan, dus dat hebben we dan ook weer overleefd ;)
na ubud was het de boot op naar de gili islands.... Wauw! Er is op deze eilanden geen enkel gemotoriseerd voertuig, enkel fietsen en een occasionele paardenkar! Je kunt dan ook overal te voet naartoe gaan, zo klein zijn de eilanden, en eens je weg bent uit de haven heb je echt wel een robinson crusoe-gevoel..... Wauw.
De laatste daagjes was het nog een beetje relaxen in onze prive-villa, voor het onvermijdelijke afscheid... Moeilijk, maar toch dankbaar voor de leuke tijd die we hier gehad hebben zette ik Steven met de nodige traantjes terug op het vliegtuig naar België.... en gesp ik mijn rugzak nog eens goed vast voor de reis down under!!!
Ps. Foto's volgen...
woensdag 12 december 2012
zaterdag 1 december 2012
De laatste momenten in China...
Ah.....de laatste momenten in China.... Mijn 3 maanden hier zitten er weer al op!
Wat is de tijd omgevlogen! De laatste 2 weken wer ik dan ook constant heen en weer geslingerd tussen gevoelens van 'ikwilnognietweg' en 'hetwordtnutochweleindelijktijddatikwegkan', maar ik kan zeggen dat de eerste wel de bovenhand had, al kijk ik natuurlijk wel heel erg uit naar het volgende item op mijn programma!
Deze week heb ik besloten om nog een trip te ondernemen naar Xian, bekend voor het terracottaleger. Als goede historicus mag dat natuurlijk niet ontbreken op mijn reis. Na een reis van maar liefst 11uur en een ongeloofelijk zere kont kwam ik aan in Xian. Gelukkig werd de treinreis wat gebroken door mijn chinese buurman op de trein, die in prachtige chinese volzinnen vanalles tegen mij aan het zeggen was, maar ik helaas niet veel verder kwam dan 'wo poetsjetou poetongwa' , hetgeen zoveel betekend als 'sorry, ik spreek geen chinees'. Ten slotte heb ik dan maar op mijn laptop naar een film gekeken, die toevallig ook chinese ondertitels had, waardoor ik mij even later in de lichtjes surrealistische situatie bevond dat ik op een voortrazende trein met een chinees van rond de 50 naar de film 'Valentines Day' aan het kijken was. Er was toch geen sprake van 'romance in the air' ze....
Maar bon, Xian, prachtige historische stad, met een ommuring die volledig bewaard/gerestaureerd is, en van waarop je de hele stad kunt rondwandelen. Het deed me een beetje denken aan Gent, je kunt de historie hier voelen als je hier rondloopt, met tientallen gezellige barretjes, zowaar een gezellige sfeer, en vriendelijke mensen!
Uiteraard ook het terracottaleger gaan bezoeken, indrukwekkend, en het deed me meteen mijn tandenborstel willen bovenhalen om mee te gaan graven. Maar ja, dat mocht dan weer niet he.... ;)
Ondertussen bleken ik en mijn medereiziger-voor-1-dag zelf de grootste toeristische attractie te zijn daar voor de chinezen, ja, ze moesten allemaal met ons op de foto ze!
Het is hier ondertussen nog maar een goede 3-5 graden overdag, ik kijk al uit naar de 30 graden van Bali... Maar eerst sta ik nog een andere taak: de rugzak terug inpakken!
Wat is de tijd omgevlogen! De laatste 2 weken wer ik dan ook constant heen en weer geslingerd tussen gevoelens van 'ikwilnognietweg' en 'hetwordtnutochweleindelijktijddatikwegkan', maar ik kan zeggen dat de eerste wel de bovenhand had, al kijk ik natuurlijk wel heel erg uit naar het volgende item op mijn programma!
Deze week heb ik besloten om nog een trip te ondernemen naar Xian, bekend voor het terracottaleger. Als goede historicus mag dat natuurlijk niet ontbreken op mijn reis. Na een reis van maar liefst 11uur en een ongeloofelijk zere kont kwam ik aan in Xian. Gelukkig werd de treinreis wat gebroken door mijn chinese buurman op de trein, die in prachtige chinese volzinnen vanalles tegen mij aan het zeggen was, maar ik helaas niet veel verder kwam dan 'wo poetsjetou poetongwa' , hetgeen zoveel betekend als 'sorry, ik spreek geen chinees'. Ten slotte heb ik dan maar op mijn laptop naar een film gekeken, die toevallig ook chinese ondertitels had, waardoor ik mij even later in de lichtjes surrealistische situatie bevond dat ik op een voortrazende trein met een chinees van rond de 50 naar de film 'Valentines Day' aan het kijken was. Er was toch geen sprake van 'romance in the air' ze....
Maar bon, Xian, prachtige historische stad, met een ommuring die volledig bewaard/gerestaureerd is, en van waarop je de hele stad kunt rondwandelen. Het deed me een beetje denken aan Gent, je kunt de historie hier voelen als je hier rondloopt, met tientallen gezellige barretjes, zowaar een gezellige sfeer, en vriendelijke mensen!
Uiteraard ook het terracottaleger gaan bezoeken, indrukwekkend, en het deed me meteen mijn tandenborstel willen bovenhalen om mee te gaan graven. Maar ja, dat mocht dan weer niet he.... ;)
Ondertussen bleken ik en mijn medereiziger-voor-1-dag zelf de grootste toeristische attractie te zijn daar voor de chinezen, ja, ze moesten allemaal met ons op de foto ze!
Het is hier ondertussen nog maar een goede 3-5 graden overdag, ik kijk al uit naar de 30 graden van Bali... Maar eerst sta ik nog een andere taak: de rugzak terug inpakken!
donderdag 15 november 2012
How lucky I am to have something that makes saying goodbye so hard…. Deze quote (van Winnie the Pooh notabene) kwam ik vandaag tegen op het internet. Ik had hem niet op een betere dag kunnen tegenkomen. Vandaag was mijn laatste dag op de kleuterschool, en ja, het was best wel met een zwaar hart dat ik afscheid moest nemen van de kinderen.
Alhoewel ze soms mijn geduld danig op de proef hebben gesteld, waren het een voor een echt schatten van kinderen. Toen ik vandaag als afscheid dan ook dikke zoenen en knuffels kreeg, moest ik toch even mijn tranen wegslikken.
Het heeft er ook wel mee te maken dat ik het gevoel heb dat ik de kinderen niet echt in goede handen kan achterlaten. Deze week is de nieuwe Engelse leerkracht begonnen, afkomstig uit… Frankrijk. Inclusief het verschrikkelijke Frans-Engelse accent, met geen ervaring in lesgeven of werken met kinderen, noch enige interesse in de job. Ik moest letterlijk op mijn lip bijten toen het woord ‘sausage’ uitgesproken werd als soszáádzj… binnenkort kun je hier dus chinese kinderen tegenkomen met een Frans-Engels accent. Hmmm…
Nu, ook ik had geen ervaring in lesgeven, maar ik had tenminste voeling met de kinderen en elke dag probeerde ik van de Engelse les iets leuk te maken. Ik kon mij dan ook eindelijk eens volledig uitleven in het bedenken van knutselwerkjes of spelletjes.
Ik moet eerlijk zeggen, nooit eerder ben ik zo verdrietig geweest om een job te verlaten. Ook al weet ik dat er nog goede dingen in het vooruitzicht liggen.
Gisteren is het besef dan ook binnengedrongen dat ik hier binnen twee weken alweer vertrek. En dat ik veel vrienden die ik hier gemaakt heb, en ook de kinderen waaraan ik les heb gegeven, ga moeten achterlaten. En waarschijnlijk zal ik ze ook nooit meer terugzien. Dat maakt het afscheid natuurlijk wel zwaarder. Want ik heb hier echt wel een fijne tijd gehad. Natuurlijk waren er ook wel moeilijke momenten waarin je je verloren voelt in de Chinese massa, maar ik moet zeggen dat ik mijn gedachten die ik op voorhand had over de Chinezen toch wel wat ga moeten bijschaven.
Waar ik verwacht had terecht te komen in een land vol onvriendelijke, rochelende chinezen, bleek het rochelen nog wel mee te vallen… Neen, grapje, ik heb mij erover verbaast dat de mensen hier echt vriendelijk zijn voor buitenlanders die geen woord van hun taal spreken. Zelfs in het politiekantoor waar ik mijn temporary residence card moest gaan halen waren ze meer dan geduldig met die rare buitenlander die met gebaren en een woordenboek iets duidelijk probeerde te maken.
Het heeft mij dan ook vaak doen nadenken over hoe wij buitenlanders behandelen in ons land, hoe ongeduldig wij zijn met mensen die onze taal niet machtig zijn, en hoe onwillig wij vaak zijn om iemand in het Engels (of Frans) te helpen…
Maar nu ik het eens vanuit de omgekeerde positie heb meegemaakt kan ik alleen maar dankbaar zijn voor de hulp die ik hier ontvangen heb…
de grootste klas, 7 jongens... aiai
de 'middle class'
de kleintjes
jawel, ook hier is de commercie van halloween doorgedrongen, maar zoooo cute!
dikke afscheidszoenen
Alhoewel ze soms mijn geduld danig op de proef hebben gesteld, waren het een voor een echt schatten van kinderen. Toen ik vandaag als afscheid dan ook dikke zoenen en knuffels kreeg, moest ik toch even mijn tranen wegslikken.
Het heeft er ook wel mee te maken dat ik het gevoel heb dat ik de kinderen niet echt in goede handen kan achterlaten. Deze week is de nieuwe Engelse leerkracht begonnen, afkomstig uit… Frankrijk. Inclusief het verschrikkelijke Frans-Engelse accent, met geen ervaring in lesgeven of werken met kinderen, noch enige interesse in de job. Ik moest letterlijk op mijn lip bijten toen het woord ‘sausage’ uitgesproken werd als soszáádzj… binnenkort kun je hier dus chinese kinderen tegenkomen met een Frans-Engels accent. Hmmm…
Nu, ook ik had geen ervaring in lesgeven, maar ik had tenminste voeling met de kinderen en elke dag probeerde ik van de Engelse les iets leuk te maken. Ik kon mij dan ook eindelijk eens volledig uitleven in het bedenken van knutselwerkjes of spelletjes.
Ik moet eerlijk zeggen, nooit eerder ben ik zo verdrietig geweest om een job te verlaten. Ook al weet ik dat er nog goede dingen in het vooruitzicht liggen.
Gisteren is het besef dan ook binnengedrongen dat ik hier binnen twee weken alweer vertrek. En dat ik veel vrienden die ik hier gemaakt heb, en ook de kinderen waaraan ik les heb gegeven, ga moeten achterlaten. En waarschijnlijk zal ik ze ook nooit meer terugzien. Dat maakt het afscheid natuurlijk wel zwaarder. Want ik heb hier echt wel een fijne tijd gehad. Natuurlijk waren er ook wel moeilijke momenten waarin je je verloren voelt in de Chinese massa, maar ik moet zeggen dat ik mijn gedachten die ik op voorhand had over de Chinezen toch wel wat ga moeten bijschaven.
Waar ik verwacht had terecht te komen in een land vol onvriendelijke, rochelende chinezen, bleek het rochelen nog wel mee te vallen… Neen, grapje, ik heb mij erover verbaast dat de mensen hier echt vriendelijk zijn voor buitenlanders die geen woord van hun taal spreken. Zelfs in het politiekantoor waar ik mijn temporary residence card moest gaan halen waren ze meer dan geduldig met die rare buitenlander die met gebaren en een woordenboek iets duidelijk probeerde te maken.
Het heeft mij dan ook vaak doen nadenken over hoe wij buitenlanders behandelen in ons land, hoe ongeduldig wij zijn met mensen die onze taal niet machtig zijn, en hoe onwillig wij vaak zijn om iemand in het Engels (of Frans) te helpen…
Maar nu ik het eens vanuit de omgekeerde positie heb meegemaakt kan ik alleen maar dankbaar zijn voor de hulp die ik hier ontvangen heb…
woensdag 31 oktober 2012
Beijing's artscene
Ik kan niet naar Beijing vertrekken om er de hedendaagse kunst te verkennen, en er dan niks over schrijven natuurlijk…
Er is hier in Beijing een erg sterke kunstenaarsvibe aanwezig. Er zijn verschillende kunstenaarsgemeenschappen, die vaak zelfs geografisch gegroepeerd zijn. Zo is er onder andere het kunstdistrict ‘798’, voortgesproten uit een in de jaren ‘80 door kunstenaars gekraakte fabriek. Waar dit oorspronkelijk een broedplaats was van creatieve uitingen, is het ondertussen uitgegroeid tot een heel district bezaaid met studio’s van artiesten, kunstgalleriën, koffie- en eethuizen, en kleine winkeltjes. Met de tijd kwam hier helaas ook de commercie binnen, en het geheel voelt soms wel erg westers aan. Vorig jaar opende hier zelfs een Nike store…
Veel kunstenaars keerden zich hiervan af, en verkasten naar het iets verder gelegen Caochangdi. In dit kleine dorp binnen de stad (het wordt ook nog steeds Caochangdi village genoemd) was Ai Wei Wei de eerste om hier een kunstenaarsgemeenschap op te richten. Hij bouwde er een aantal gegroepeerde huizen/studios waar kunstenaars rustig konden wonen en werken.
Vorige week kreeg ik de kans om een aantal van deze studios te bezoeken, een kans die ik natuurlijk met beide handen gegrepen heb. We kregen een rondleiding door Valerie, de vrouw van Wang Qinsong, een invloedrijke fotograaf, en die beiden ook in deze compound opgericht door Ai Wei Wei wonen.
We bezochten er onder andere de studio van He YunChang, één van China’s meest belangrijke performance artists van dit moment. In zijn werk staat vooral lichamelijke uithouding centraal, hij liet zich onder andere 24 uur opsluiten in een kubus van cement. Geïnteresseerden moeten hem maar eens googelen.
Naast deze grote namen bezochten we ook een kleine kunstenaarsgemeenschap even buiten Caochangdi village, waar deze kunstenaars serres omgebouwd hebben tot studio’s en woonruimtes. Je voelt hier zeker de ‘vibe’ hangen, en ongetwijfeld zullen hier veel kruisbestuivingen plaatsvinden tussen de oudere generatie van kunstenaars die zich hier gevestigd hebben en de jongere garde.
Naast deze kunstenaarsgemeenschappen zijn er in Caochangdi ondertussen ook al veel kunstgalleriën gevestigd (waaronder degene waar ik werk), voornamelijk gespecialiseerd in hedendaagse kunst. Doordat er hier in Beijing echter zo veel kunstgalleriën aanwezig zijn is het niet evident om rendabel te blijven, iets waar ook Art Channel Gallery mee worstelt. De Chinese kunstmarkt is niet erg gezond vergeleken met de Europese kunstmarkt. Waar er bij ons veel verzamelaars zijn die ook kunstliefhebbers zijn, wordt de markt hier bepaald door ofwel westerse verzamelaars ofwel Chinese verzamelaars die enkel kopen voor speculatie.
Als gevolg daarvan richten de kunstenaars zich erg op de Westerse markt, en vervalt hun werk vaak in een volgen van de westerse hedendaagse kunst. Dit is iets waar de Chinese kunstenaars erg mee worstelen. Ze zijn vaak opgeleid met een westerse kunstgeschiedenis, leren de kunst appreciëren met een westerse blik, en raken daardoor de voeling met hun eigen geschiedenis kwijt. Geen andere kunstenaar probeert dit harder te ontworstelen dan Wang Guangyi. Vandaag bezocht ik een overzichtstentoonstelling van hem in het Today Art Museum, en in zijn werken kon je duidelijk een evolutie zien hierin.
Er is iets aan het broeden in de kunstwereld van China. Chinese kunstenaars slagen erin om steeds minder de kunsttaal en -stromingen van het Westen te volgen, en een eigen beeldtaal te ontwikkelen. Alhoewel wij thuis alleen maar verhalen horen over censuur, verbaas ik mij erover dat veel (zelfs maatschappijkritische) werken hier toch openbaar tentoongesteld worden.
Maar op andere vlakken merk je de invloed van de censuur des te harder… skype-gesprekken die plots afgebroken worden, google die raar doet, vrienden die plots beginnen te fluisteren als het over bepaalde onderwerpen gaat… .
Maar goed, ik heb er hier ondertussen al 2 maanden opzitten, nog 1 maand te gaan alvorens ik naar warmere oorden vertrek, en ik moet zeggen, ik kijk al uit naar het volgende deel van mijn reis!
798 district
Wan Qinsong
serres omgebouwd tot studio's
He YunChang, na 24 uur opgesloten te zijn in een kubus van cement
µ
Wang Guangyi
Wang Guangyi
Er is hier in Beijing een erg sterke kunstenaarsvibe aanwezig. Er zijn verschillende kunstenaarsgemeenschappen, die vaak zelfs geografisch gegroepeerd zijn. Zo is er onder andere het kunstdistrict ‘798’, voortgesproten uit een in de jaren ‘80 door kunstenaars gekraakte fabriek. Waar dit oorspronkelijk een broedplaats was van creatieve uitingen, is het ondertussen uitgegroeid tot een heel district bezaaid met studio’s van artiesten, kunstgalleriën, koffie- en eethuizen, en kleine winkeltjes. Met de tijd kwam hier helaas ook de commercie binnen, en het geheel voelt soms wel erg westers aan. Vorig jaar opende hier zelfs een Nike store…
Veel kunstenaars keerden zich hiervan af, en verkasten naar het iets verder gelegen Caochangdi. In dit kleine dorp binnen de stad (het wordt ook nog steeds Caochangdi village genoemd) was Ai Wei Wei de eerste om hier een kunstenaarsgemeenschap op te richten. Hij bouwde er een aantal gegroepeerde huizen/studios waar kunstenaars rustig konden wonen en werken.
Vorige week kreeg ik de kans om een aantal van deze studios te bezoeken, een kans die ik natuurlijk met beide handen gegrepen heb. We kregen een rondleiding door Valerie, de vrouw van Wang Qinsong, een invloedrijke fotograaf, en die beiden ook in deze compound opgericht door Ai Wei Wei wonen.
We bezochten er onder andere de studio van He YunChang, één van China’s meest belangrijke performance artists van dit moment. In zijn werk staat vooral lichamelijke uithouding centraal, hij liet zich onder andere 24 uur opsluiten in een kubus van cement. Geïnteresseerden moeten hem maar eens googelen.
Naast deze grote namen bezochten we ook een kleine kunstenaarsgemeenschap even buiten Caochangdi village, waar deze kunstenaars serres omgebouwd hebben tot studio’s en woonruimtes. Je voelt hier zeker de ‘vibe’ hangen, en ongetwijfeld zullen hier veel kruisbestuivingen plaatsvinden tussen de oudere generatie van kunstenaars die zich hier gevestigd hebben en de jongere garde.
Naast deze kunstenaarsgemeenschappen zijn er in Caochangdi ondertussen ook al veel kunstgalleriën gevestigd (waaronder degene waar ik werk), voornamelijk gespecialiseerd in hedendaagse kunst. Doordat er hier in Beijing echter zo veel kunstgalleriën aanwezig zijn is het niet evident om rendabel te blijven, iets waar ook Art Channel Gallery mee worstelt. De Chinese kunstmarkt is niet erg gezond vergeleken met de Europese kunstmarkt. Waar er bij ons veel verzamelaars zijn die ook kunstliefhebbers zijn, wordt de markt hier bepaald door ofwel westerse verzamelaars ofwel Chinese verzamelaars die enkel kopen voor speculatie.
Als gevolg daarvan richten de kunstenaars zich erg op de Westerse markt, en vervalt hun werk vaak in een volgen van de westerse hedendaagse kunst. Dit is iets waar de Chinese kunstenaars erg mee worstelen. Ze zijn vaak opgeleid met een westerse kunstgeschiedenis, leren de kunst appreciëren met een westerse blik, en raken daardoor de voeling met hun eigen geschiedenis kwijt. Geen andere kunstenaar probeert dit harder te ontworstelen dan Wang Guangyi. Vandaag bezocht ik een overzichtstentoonstelling van hem in het Today Art Museum, en in zijn werken kon je duidelijk een evolutie zien hierin.
Er is iets aan het broeden in de kunstwereld van China. Chinese kunstenaars slagen erin om steeds minder de kunsttaal en -stromingen van het Westen te volgen, en een eigen beeldtaal te ontwikkelen. Alhoewel wij thuis alleen maar verhalen horen over censuur, verbaas ik mij erover dat veel (zelfs maatschappijkritische) werken hier toch openbaar tentoongesteld worden.
Maar op andere vlakken merk je de invloed van de censuur des te harder… skype-gesprekken die plots afgebroken worden, google die raar doet, vrienden die plots beginnen te fluisteren als het over bepaalde onderwerpen gaat… .
Maar goed, ik heb er hier ondertussen al 2 maanden opzitten, nog 1 maand te gaan alvorens ik naar warmere oorden vertrek, en ik moet zeggen, ik kijk al uit naar het volgende deel van mijn reis!
µ
vrijdag 19 oktober 2012
De Chinese muur
Ok, ok, ik geef het toe.... Het is alweer lang geleden sinds ik nog iets geschreven heb.... Maar een mens wordt nu eenmaal snel opgezogen in de dagelijkse bezigheden: werken, eten, slapen,...
We hebben hier in China ondertussen de National Holiday achter de rug, hetgeen bestaat uit 1 nationale feestdag (1 oktober) en een week vakantie. Misschien eens een ideetje voor bij ons? Iemand?
Al lang op voorhand raadden mijn Chinese vrienden mij af om in deze week ook maar iets te ondernemen. Het beste advies wat ik kreeg was: "Ga de dag op voorhand naar de supermarkt, sla voedsel in voor een week, bekijk alle series die je nog wou zien, en kom niet meer buiten". Inderdaad, ze hadden gelijk.
In deze week ontvluchtten alle Beijingers de stad, omdat de rest van China naar Beijing komt. Een simpel voorstellingsvermogen van uw kant maakt al snel duidelijk wat er dan gebeurt... ik heb nog nooit in mijn leven zoveel mensen bijeen gezien.
Dat kan er natuurlijk ook mee te maken hebben dat ik (tegen beter weten in), toch besloot om naar het Tiananmen plein te gaan.
Maar ja, wat doet een mens dan met een week vakantie? Thuiszitten vond ik na een dag al geen optie meer... Gelukkig kon ik die week 2 couchsurfers herbergen, en besloten we om samen een tocht naar de Chinese muur te ondernemen.
Aanvankelijk was het plan om ons bij een andere groep couchsurfers aan te sluiten die er wouden overnachten, maar die groep besloot op het laatste moment om niet te vertrekken. Dus borrelde het gekke idee in ons op om dan maar op eigen houtje te gaan. Haastig pakten we alles in wat we nodig dachten te hebben (en ja, uiteraard vanalles vergeten).
Het stuk van de muur waar we naartoe trokken (Mutianyu) ligt op zo'n 90 km van Beijing. Gelukkig had ik mijn stevige wandelschoenen mee, want de muur bezoeken, leuk idee, maar je moet er natuurlijk ook nog op geraken hè. En overmoedig als we zijn namen we niet de kabellift naar boven, maar trokken we te voet de berg op... Maar hé, we waren hier nu eenmaal gekomen om te wandelen.
Eenmaal boven aangekomen was het uitzicht wel mooi, maar helaas waren we op die dag verre van alleen... Al snel besloten we om verder te trekken naar een minder toeristisch stuk van de muur (gelukkig liepen we toevallig de juiste kant uit).
Het gerestaureerde stuk van de muur hield op, en we bevonden ons plots in een scène die Indiana Jones waardig was. Restanten van wachttorens, overgroeid door bomen en struiken, prachtige vergezichten, geen andere levende mens in de wijde omtrek te bekennen... Er viel toch wel even een moment van stilte.
Na een (vooral koude) nacht op de muur ging onze wekker op tijd af om de zonsopgang te aanschouwen. Wauw. Wat een mooi moment. En op dat moment voel ik weer de opwinding die ik had toen ik Geschiedenis studeerde. Mijn levendige fantasie stelde zich voor dat er hier zoveel duizenden jaren geleden al soldaten op deze muur rondliepen, en naar dezelfde zonsopgang keken.
En dan sta je toch wel even stil bij hoe ze in hemelsnaam die muur gebouwd hebben. Het gebied is vaak erg onherbergzaam, terrein gevuld met rotsen en bos, zelfs met de moderne technieken van vandaag zou het niet zo eenvoudig zijn...
We aten ons laatste eten op (kauwgombrood met lauwe aardappelsalade van de dag ervoor), en gespten onze rugzakken terug op. Op naar het volgende dorp. Na 6 uur wandelen, klauteren en klimmen bereikten we dan eindelijk het pad dat naar het lager geleden dorp leidde.
Nu ja, pad was veel gezegd. In feite waren het rotsblokken waar je al klauterend naar beneden kon gaan. Nu weet ik wat het is om op het einde van je krachten te zijn, je lichaam bevend, geen voet meer voor de andere te kunnen zetten.
Maar het was het waard. Absoluut.
En eenmaal thuisgekomen heb ik de beste douche van mijn leven genomen, het lekkerste eten gegeten en het meest dorstlessende pintje ooit gedronken (of althans, zo voelde en smaakte het toch)!
Tot de volgende keer!
Het gerestaureerde stuk van de muur
Het niet gerestaureerde stuk
Het bewijs dat ik er was (Emily was hier blijkbaar ook)
Fellowship of the wall
de zonsopgang...
het uitzicht...
Indiana Jones
We hebben hier in China ondertussen de National Holiday achter de rug, hetgeen bestaat uit 1 nationale feestdag (1 oktober) en een week vakantie. Misschien eens een ideetje voor bij ons? Iemand?
Al lang op voorhand raadden mijn Chinese vrienden mij af om in deze week ook maar iets te ondernemen. Het beste advies wat ik kreeg was: "Ga de dag op voorhand naar de supermarkt, sla voedsel in voor een week, bekijk alle series die je nog wou zien, en kom niet meer buiten". Inderdaad, ze hadden gelijk.
In deze week ontvluchtten alle Beijingers de stad, omdat de rest van China naar Beijing komt. Een simpel voorstellingsvermogen van uw kant maakt al snel duidelijk wat er dan gebeurt... ik heb nog nooit in mijn leven zoveel mensen bijeen gezien.
Dat kan er natuurlijk ook mee te maken hebben dat ik (tegen beter weten in), toch besloot om naar het Tiananmen plein te gaan.
Maar ja, wat doet een mens dan met een week vakantie? Thuiszitten vond ik na een dag al geen optie meer... Gelukkig kon ik die week 2 couchsurfers herbergen, en besloten we om samen een tocht naar de Chinese muur te ondernemen.
Aanvankelijk was het plan om ons bij een andere groep couchsurfers aan te sluiten die er wouden overnachten, maar die groep besloot op het laatste moment om niet te vertrekken. Dus borrelde het gekke idee in ons op om dan maar op eigen houtje te gaan. Haastig pakten we alles in wat we nodig dachten te hebben (en ja, uiteraard vanalles vergeten).
Het stuk van de muur waar we naartoe trokken (Mutianyu) ligt op zo'n 90 km van Beijing. Gelukkig had ik mijn stevige wandelschoenen mee, want de muur bezoeken, leuk idee, maar je moet er natuurlijk ook nog op geraken hè. En overmoedig als we zijn namen we niet de kabellift naar boven, maar trokken we te voet de berg op... Maar hé, we waren hier nu eenmaal gekomen om te wandelen.
Eenmaal boven aangekomen was het uitzicht wel mooi, maar helaas waren we op die dag verre van alleen... Al snel besloten we om verder te trekken naar een minder toeristisch stuk van de muur (gelukkig liepen we toevallig de juiste kant uit).
Het gerestaureerde stuk van de muur hield op, en we bevonden ons plots in een scène die Indiana Jones waardig was. Restanten van wachttorens, overgroeid door bomen en struiken, prachtige vergezichten, geen andere levende mens in de wijde omtrek te bekennen... Er viel toch wel even een moment van stilte.
Na een (vooral koude) nacht op de muur ging onze wekker op tijd af om de zonsopgang te aanschouwen. Wauw. Wat een mooi moment. En op dat moment voel ik weer de opwinding die ik had toen ik Geschiedenis studeerde. Mijn levendige fantasie stelde zich voor dat er hier zoveel duizenden jaren geleden al soldaten op deze muur rondliepen, en naar dezelfde zonsopgang keken.
En dan sta je toch wel even stil bij hoe ze in hemelsnaam die muur gebouwd hebben. Het gebied is vaak erg onherbergzaam, terrein gevuld met rotsen en bos, zelfs met de moderne technieken van vandaag zou het niet zo eenvoudig zijn...
We aten ons laatste eten op (kauwgombrood met lauwe aardappelsalade van de dag ervoor), en gespten onze rugzakken terug op. Op naar het volgende dorp. Na 6 uur wandelen, klauteren en klimmen bereikten we dan eindelijk het pad dat naar het lager geleden dorp leidde.
Nu ja, pad was veel gezegd. In feite waren het rotsblokken waar je al klauterend naar beneden kon gaan. Nu weet ik wat het is om op het einde van je krachten te zijn, je lichaam bevend, geen voet meer voor de andere te kunnen zetten.
Maar het was het waard. Absoluut.
En eenmaal thuisgekomen heb ik de beste douche van mijn leven genomen, het lekkerste eten gegeten en het meest dorstlessende pintje ooit gedronken (of althans, zo voelde en smaakte het toch)!
Tot de volgende keer!
dinsdag 25 september 2012
My Beijing bicycle
Zoals de titel van dit bericht het al doet vermoeden.... kon ik inderdaad in deze stad van '9 million bicycles' uiteraard niet zonder fiets, en hier is hij dan: mijn spiksplinternieuwe Beijing bicycle... voor de ongelofelijke prijs van 35 euro!
Toen ik met handen en voeten duidelijk maakte aan de verkoper dat ik de fiets graag wilde kopen, installeerde hij voor mij het mandje en controleerde of alle onderdelen goed vast zaten (inderdaad, hier had het belletje al moeten rinkelen), maar van een rinkelende bel gesproken, ik merkte plots op dat er geen bel op mijn fiets zat.
"Hmm, mister, is there no..eh...ringring?"
"No."
"Ah. And do you sell eh... ringring?"
"No."
"Ah, and mister there is no light on the bike?"
"No."
"And..eh... do you sell light?"
"No."
Enfin, deze bij ons verplichte accessoires blijken hier inderdaad, zoals de naam al doet vermoeden... accessoires te zijn. Een bel heeft geen nut, want ze horen je toch niet omdat iedereen hier echt constant aan het claxonneren is, en licht, ach, wie heeft dat nu in hemelsnaam nodig...
Op mijn tweede dag als trotse fiets-eigenaar begon ik moedig aan mijn eerste tocht naar het werk (10 km van huis). Na enkele minuten trapte ik echter té enthousiast op mijn fiets. Waarop mijn pedaal afbrak. Tjah.
Daar sta je dan, op een 2 km lange weg waar geen bus passeert, met nog een half uur om op tijd op het werk te geraken. Dat werd dus peddelen met 1 pedaal. Opnieuw hilariteit alom bij de toeschouwende chinezen. Ach. Je kunt niet zeggen dat wij europeanen niet grappig zijn... Na de fiets dan bij het 2km verderopgelegen metrostation te hebben gestald, en mijn tocht verder te hebben gezet met de metro, kon ik 's avonds beginnen aan de peddeltocht van 4 km terug naar de winkel. Opnieuw hilariteit alom toen ik aan de servicebalie stond met een fiets. En een pedaal in mijn handen. Gelukkig installeerden ze direct een nieuw pedaal op mijn fiets, en tot op heden zit dit er nog steeds op!
De reden waarom ik mijn fiets aangekocht heb, is op deze foto goed te zien: dit is de gemiddelde busbezetting. Om 12 uur 's middags. Van het spitsuur kon ik geen foto nemen want ik had de plaats niet om mijn arm omhoog te heffen.
Het fietsen op zich is hier toch ook wel even wennen. Waar wij in België en Nederland zoiets hebben als een verkeersreglement is dat hier vereenvoudigd tot de volgende regels:
1. Als het groen is, mag je doorfietsen.
2. Als het rood is, mag je ook doorfietsen.
3. Auto's mogen altijd doorrijden en afslaan naar rechts
Ik leerde al snel de veiligste methode: "act like the locals", gewoon de massa volgen dus.
De fiets is hier echt wel hét aangewezen vervoersmiddel als je ergens op tijd wilt komen. En zeker als het regent. Ik dacht dat ik het nooit ging zeggen, maar ik was blij dat het hier vandaag nog eens regende, nog maar de derde keer in 3 weken! De smog trekt dan tenminste een beetje weg, en de stoffige straten worden schoongespoeld. Enig minpunt is dat wanneer het hier dan eindelijk regent, het verkeer echt een chaos wordt.
De straten staan bijna volledig blank dankzij het niet functionerende afwateringssysteem. Alles maar dan ook alles staat dan geblokkeerd, en het is gewoon onmogelijk om een taxi aan te houden. Blij als een kind stak ik vanavond dan ook iedereen voorbij op mijn fiets :)
Vorig weekend heb ik de toerist uitgehangen en gewapend met mijn camera de stad verkend. Ik heb wat foto's bijgevoegd van de 'forbidden city', kernwoord: 'téveelchinesetoeristen', en zondag ben ik samen met Justine (die ik leerde kennen via couchsurfing) het zomerpaleis gaan verkennen. Het zomerpaleis beviel alleszins beter dan mijn eerste bezienswaardigheid, daar men er tenminste plaats had om te wandelen, en bij occasie zelfs een foto te nemen waar eens géén chinezen op stonden.
Voor de rest lijkt het dagelijkse leven hier akelig veel op mijn dagelijks leven dat ik achtergelaten heb ik België. Opstaan, werken, thuiskomen,... het is hier allemaal juist hetzelfde.
Omdat er in de gallerie niet zoveel werk was voor mij, ben ik op zoek gegaan naar een parttime job die ik ermee kon combineren. Gelukkig heb ik snel iets gevonden en heb ik nu een tweede part-time job als engelse leerkracht in een kleuterschool. Ik geef er les aan drie klassen van 2-6 jaar oud, en ik moet zeggen, het bevalt me wel. Ja,ik weet het, degenen die mij al gezegd hadden dat ik leerkracht moest worden krijgen dan misschien toch nog wel gelijk... misschien ;)
Maar meer daarover volgende keer.
See you later alligator!
Forbidden city
Forbidden city
Summer Palace
De marmeren boot waar keizerin Cixi 's middags haar thee dronk
Summer Palace
Summer Palace
Summer Palace met Justine
Photoshop CS China... daarom leert een mens dus zijn shortcuts
de gallerie
De dagen dat de smog bijna tastbaar wordt
Toen ik met handen en voeten duidelijk maakte aan de verkoper dat ik de fiets graag wilde kopen, installeerde hij voor mij het mandje en controleerde of alle onderdelen goed vast zaten (inderdaad, hier had het belletje al moeten rinkelen), maar van een rinkelende bel gesproken, ik merkte plots op dat er geen bel op mijn fiets zat.
"Hmm, mister, is there no..eh...ringring?"
"No."
"Ah. And do you sell eh... ringring?"
"No."
"Ah, and mister there is no light on the bike?"
"No."
"And..eh... do you sell light?"
"No."
Enfin, deze bij ons verplichte accessoires blijken hier inderdaad, zoals de naam al doet vermoeden... accessoires te zijn. Een bel heeft geen nut, want ze horen je toch niet omdat iedereen hier echt constant aan het claxonneren is, en licht, ach, wie heeft dat nu in hemelsnaam nodig...
Op mijn tweede dag als trotse fiets-eigenaar begon ik moedig aan mijn eerste tocht naar het werk (10 km van huis). Na enkele minuten trapte ik echter té enthousiast op mijn fiets. Waarop mijn pedaal afbrak. Tjah.
Daar sta je dan, op een 2 km lange weg waar geen bus passeert, met nog een half uur om op tijd op het werk te geraken. Dat werd dus peddelen met 1 pedaal. Opnieuw hilariteit alom bij de toeschouwende chinezen. Ach. Je kunt niet zeggen dat wij europeanen niet grappig zijn... Na de fiets dan bij het 2km verderopgelegen metrostation te hebben gestald, en mijn tocht verder te hebben gezet met de metro, kon ik 's avonds beginnen aan de peddeltocht van 4 km terug naar de winkel. Opnieuw hilariteit alom toen ik aan de servicebalie stond met een fiets. En een pedaal in mijn handen. Gelukkig installeerden ze direct een nieuw pedaal op mijn fiets, en tot op heden zit dit er nog steeds op!
De reden waarom ik mijn fiets aangekocht heb, is op deze foto goed te zien: dit is de gemiddelde busbezetting. Om 12 uur 's middags. Van het spitsuur kon ik geen foto nemen want ik had de plaats niet om mijn arm omhoog te heffen.
Het fietsen op zich is hier toch ook wel even wennen. Waar wij in België en Nederland zoiets hebben als een verkeersreglement is dat hier vereenvoudigd tot de volgende regels:
1. Als het groen is, mag je doorfietsen.
2. Als het rood is, mag je ook doorfietsen.
3. Auto's mogen altijd doorrijden en afslaan naar rechts
Ik leerde al snel de veiligste methode: "act like the locals", gewoon de massa volgen dus.
De fiets is hier echt wel hét aangewezen vervoersmiddel als je ergens op tijd wilt komen. En zeker als het regent. Ik dacht dat ik het nooit ging zeggen, maar ik was blij dat het hier vandaag nog eens regende, nog maar de derde keer in 3 weken! De smog trekt dan tenminste een beetje weg, en de stoffige straten worden schoongespoeld. Enig minpunt is dat wanneer het hier dan eindelijk regent, het verkeer echt een chaos wordt.
De straten staan bijna volledig blank dankzij het niet functionerende afwateringssysteem. Alles maar dan ook alles staat dan geblokkeerd, en het is gewoon onmogelijk om een taxi aan te houden. Blij als een kind stak ik vanavond dan ook iedereen voorbij op mijn fiets :)
Vorig weekend heb ik de toerist uitgehangen en gewapend met mijn camera de stad verkend. Ik heb wat foto's bijgevoegd van de 'forbidden city', kernwoord: 'téveelchinesetoeristen', en zondag ben ik samen met Justine (die ik leerde kennen via couchsurfing) het zomerpaleis gaan verkennen. Het zomerpaleis beviel alleszins beter dan mijn eerste bezienswaardigheid, daar men er tenminste plaats had om te wandelen, en bij occasie zelfs een foto te nemen waar eens géén chinezen op stonden.
Voor de rest lijkt het dagelijkse leven hier akelig veel op mijn dagelijks leven dat ik achtergelaten heb ik België. Opstaan, werken, thuiskomen,... het is hier allemaal juist hetzelfde.
Omdat er in de gallerie niet zoveel werk was voor mij, ben ik op zoek gegaan naar een parttime job die ik ermee kon combineren. Gelukkig heb ik snel iets gevonden en heb ik nu een tweede part-time job als engelse leerkracht in een kleuterschool. Ik geef er les aan drie klassen van 2-6 jaar oud, en ik moet zeggen, het bevalt me wel. Ja,ik weet het, degenen die mij al gezegd hadden dat ik leerkracht moest worden krijgen dan misschien toch nog wel gelijk... misschien ;)
Maar meer daarover volgende keer.
See you later alligator!
vrijdag 14 september 2012
de eerste week in Beijing
Mijn eerste week in Beijing.... is op zijn minst gezegd 'interessant' te noemen.
Ik heb me de eerste dagen veelal beziggehouden met het zoeken naar dingen. Mijn eerste zoektocht begon al meteen op dag 2, toen ik een tocht ondernam naar de plaatselijke ikea om een dekbed, lakens en handdoeken te kopen voor mijn verblijf hier. Volgens mijn huisgenote zou de ikea immers de makkelijkste manier zijn om deze items bijeen te sprokkelen.
Het liep echter al mis bij de naam van het spel, 'ikea'. Na zeker 6 taxichauffeurs te hebben tegengehouden die geen van allen wisten wat 'ikea' was, zelfs niet toen ik het in alle mogelijke verschillende toonaarden probeerde uit te spreken, moest ik mijn tocht na een half uur al noodgedwongen afblazen. Humm.
Dag 3. Nu gewapend met de chinese vertaling van de ikea (i-tsjà), en de naam in chinees schrift, ging ik opnieuw langs de weg staan om een taxi tegen te houden. Haleluja, deze keer kende ik meer succes.
Het shoppen in de plaatselijke ikea bleek toch wel een beetje een hallucinante trip. Zo vreemd om alles in het Chinees te zien staan (alhoewel er gelukkig ook wel zweeds/engelse vertaling was). En waar wij rustig, kalm dineren in het ikea-restaurant, denkt men daar hier in China anders over. Entertainment is vereist, jawel, met een live coverband waarvan het volume zo hoog staat dat je niet eens meer 'köttbullar' kan denken.
Enige tijd later stond ik met mijn goedgevulde zakken weer op straat, en trachtte ik een taxi tegen te houden. Na in de gietende regen opnieuw door 3 taxi's afgewezen te zijn, was er eindelijk een taxichauffeur die mij toch wou meenemen... alleen kende de stakker de weg niet echt... waarop ik dan maar mijn wegenkaart bovengehaald heb en hem met gebaren en geluiden (uh uh= links, eh eh = rechts), de weg naar mijn appartement getoond heb. Een korting zat er helaas niet in.
Maar goed, verder bevalt het hier wel. Ik begin zo langzamerhand mijn weg te kennen, en weet welke bussen ik naar waar moet nemen (gewoon opstappen en als ze verkeerd rijden terug afstappen), alleen vergt het vertrouwd raken met de plaatselijke cuisine toch nog wel enkele language-skills.
Zo ging ik vorige week het door mijn huisgenote aangeduide restaurantje binnen, en bestelde ik er de plaatselijke barbecue-schotel. Terwijl ik met handen en voeten aan het uitleggen was dat het 'to take away' was, (ja, inclusief het imaginaire-zakje-in-mijn-handen-en-ik-loop-de-deur-uit-gebaar), kwam er plots een vrouw uit de keuken mij een kommetje brengen met daarin een vloeibare substantie. Ze gebaarde dat het om op te drinken was. Ik dacht dus, ha, amai, dat is aardig zeg, ze geeft mij wat soep terwijl ik hier aan het wachten ben. Waarop ik vervolgens de kom aan mijn lippen plaatste, maar toch niet helemaal proefde wat ik verwachtte... Hilariteit alom bij de plaatselijke bevolking, die niet meer bijkwam van het lachen.
Het betrof hier de saus die ik over mijn schotel moest uitgieten...
In de gallerie is het ook nog een beetje wennen aan de Chinese wijze van werken. Ik weet niet of het aan de chinezen ligt, of aan de gallerie, maar het werktempo ligt er ongeveer 90% lager dan ik gewend ben... ik zit er dus veel met mijn vingers te draaien. Maar, ondertussen ben ik wel een bijbaantje als lesgever aan het zoeken.
Tin Tin, mijn collega, heeft na een week haar ontslag gegeven, maar Miauw Miauw is nog steeds op post. Jammer dat ook hier het spreken van engels geen evidentie is.
Dankzij mijn job in de gallerie werd ik eergisteren wel al uitgenodigd op een receptie van de Luxemburgse ambassade (mmm inclusief Bratwurst-hapjes), waar het hier in China de gewoonte is om te netwerken. In de praktijk betekent dit dat je op het einde van de avond een handtas hebt die bijna ontploft van de vele visitekaartjes.
Om dit berichtje af te sluiten, voeg ik voor jullie nog een foto toe van het uitzicht dat ik elke avond heb alvorens ik mijn ogen sluit.
Zàijiàn!
Ik heb me de eerste dagen veelal beziggehouden met het zoeken naar dingen. Mijn eerste zoektocht begon al meteen op dag 2, toen ik een tocht ondernam naar de plaatselijke ikea om een dekbed, lakens en handdoeken te kopen voor mijn verblijf hier. Volgens mijn huisgenote zou de ikea immers de makkelijkste manier zijn om deze items bijeen te sprokkelen.
Het liep echter al mis bij de naam van het spel, 'ikea'. Na zeker 6 taxichauffeurs te hebben tegengehouden die geen van allen wisten wat 'ikea' was, zelfs niet toen ik het in alle mogelijke verschillende toonaarden probeerde uit te spreken, moest ik mijn tocht na een half uur al noodgedwongen afblazen. Humm.
Dag 3. Nu gewapend met de chinese vertaling van de ikea (i-tsjà), en de naam in chinees schrift, ging ik opnieuw langs de weg staan om een taxi tegen te houden. Haleluja, deze keer kende ik meer succes.
Het shoppen in de plaatselijke ikea bleek toch wel een beetje een hallucinante trip. Zo vreemd om alles in het Chinees te zien staan (alhoewel er gelukkig ook wel zweeds/engelse vertaling was). En waar wij rustig, kalm dineren in het ikea-restaurant, denkt men daar hier in China anders over. Entertainment is vereist, jawel, met een live coverband waarvan het volume zo hoog staat dat je niet eens meer 'köttbullar' kan denken.
Enige tijd later stond ik met mijn goedgevulde zakken weer op straat, en trachtte ik een taxi tegen te houden. Na in de gietende regen opnieuw door 3 taxi's afgewezen te zijn, was er eindelijk een taxichauffeur die mij toch wou meenemen... alleen kende de stakker de weg niet echt... waarop ik dan maar mijn wegenkaart bovengehaald heb en hem met gebaren en geluiden (uh uh= links, eh eh = rechts), de weg naar mijn appartement getoond heb. Een korting zat er helaas niet in.
Maar goed, verder bevalt het hier wel. Ik begin zo langzamerhand mijn weg te kennen, en weet welke bussen ik naar waar moet nemen (gewoon opstappen en als ze verkeerd rijden terug afstappen), alleen vergt het vertrouwd raken met de plaatselijke cuisine toch nog wel enkele language-skills.
Zo ging ik vorige week het door mijn huisgenote aangeduide restaurantje binnen, en bestelde ik er de plaatselijke barbecue-schotel. Terwijl ik met handen en voeten aan het uitleggen was dat het 'to take away' was, (ja, inclusief het imaginaire-zakje-in-mijn-handen-en-ik-loop-de-deur-uit-gebaar), kwam er plots een vrouw uit de keuken mij een kommetje brengen met daarin een vloeibare substantie. Ze gebaarde dat het om op te drinken was. Ik dacht dus, ha, amai, dat is aardig zeg, ze geeft mij wat soep terwijl ik hier aan het wachten ben. Waarop ik vervolgens de kom aan mijn lippen plaatste, maar toch niet helemaal proefde wat ik verwachtte... Hilariteit alom bij de plaatselijke bevolking, die niet meer bijkwam van het lachen.
Het betrof hier de saus die ik over mijn schotel moest uitgieten...
In de gallerie is het ook nog een beetje wennen aan de Chinese wijze van werken. Ik weet niet of het aan de chinezen ligt, of aan de gallerie, maar het werktempo ligt er ongeveer 90% lager dan ik gewend ben... ik zit er dus veel met mijn vingers te draaien. Maar, ondertussen ben ik wel een bijbaantje als lesgever aan het zoeken.
Tin Tin, mijn collega, heeft na een week haar ontslag gegeven, maar Miauw Miauw is nog steeds op post. Jammer dat ook hier het spreken van engels geen evidentie is.
Dankzij mijn job in de gallerie werd ik eergisteren wel al uitgenodigd op een receptie van de Luxemburgse ambassade (mmm inclusief Bratwurst-hapjes), waar het hier in China de gewoonte is om te netwerken. In de praktijk betekent dit dat je op het einde van de avond een handtas hebt die bijna ontploft van de vele visitekaartjes.
Om dit berichtje af te sluiten, voeg ik voor jullie nog een foto toe van het uitzicht dat ik elke avond heb alvorens ik mijn ogen sluit.
Zàijiàn!
vrijdag 7 september 2012
Singapore
Oh Singapore... what can I say... you were too hot, smelly and humid... but I loved you anyway!
...Of althans het kleine stukje wat ik ervan gezien heb. Wauw! Fris als een hoentje stapte ik van mijn 12 uur durende vlucht de warmte van Singapore in... en het kwam aan. Daim, dat is toch iets anders vergeleken bij de Belgische zomer waar ik vandaan kwam!
Maar niet getreuzeld, op naar het eerste hostel. Nadat ik vlug mijn zakken had afgezet (oh mister, I forgot my sleeping bag, do you have a sheet for me?), kreeg ik iets in mijn handen geduwd wat een beetje het midden hield tussen een handdoek en een deken. Maar je reist als backpacker of niet, dus dan maar in mijn kleren slapen.
Alvorens ik onder de wol kroop ben ik toch nog even snel naar de Marina Bay gegaan, alwaar ik toch wel met stomheid geslagen werd. Wauw, dit had ik hier echt nooit verwacht! Een prachtige boulevard rond het water waar de Singaporezen hun dagelijkse gymnastiek beoefenen. En eens het donker werd, je getrakteerd wordt op een lichtshow met klassieke muziek, lasers, vuur, spuitende fonteinen etc... een mens zou er zowaar door geraakt worden.
Na een deugddoende nachtrust met kleren aan was het de volgende dag tijd om weer in de vlieger te kruipen... richting Beijing. Ik werd blijkbaar beschouwd als zijnde betrouwbaar want ik kreeg een zitje aan de nooduitgang(zaaalige beenruimte!) maar waardoor je dus ook tijdens het opstijgen en landen face to face met een steward zit die mij de kleren van het lijf begon te vragen (Hello Miss, you going to Beijing for holiday? Where you from? How long you stay? Waaa, you travel all alone? Why?...)
Nu zit ik ondertussen 3 dagen op mijn appartementje in Beijing, en ik moet zeggen, het bevalt wel. Het heeft wel iets om eens helemaal 'lost in translation' te zijn, want echt, niemand begrijpt mij. Hetgeen best wel tot hilarische situaties kan leiden. Gelukkig is mijn huisgenootje er nog om mij te helpen.
Mijn eerste dagen in de galerie waren ook best wel ok. Samen met mij werken er nog twee stagiaires met de bloemrijke namen 'Tin Tin' (naar kuifje) en 'Miauw Miauw' (oh boy).
Maar meer daarover volgende keer!
...Of althans het kleine stukje wat ik ervan gezien heb. Wauw! Fris als een hoentje stapte ik van mijn 12 uur durende vlucht de warmte van Singapore in... en het kwam aan. Daim, dat is toch iets anders vergeleken bij de Belgische zomer waar ik vandaan kwam!
Maar niet getreuzeld, op naar het eerste hostel. Nadat ik vlug mijn zakken had afgezet (oh mister, I forgot my sleeping bag, do you have a sheet for me?), kreeg ik iets in mijn handen geduwd wat een beetje het midden hield tussen een handdoek en een deken. Maar je reist als backpacker of niet, dus dan maar in mijn kleren slapen.
Alvorens ik onder de wol kroop ben ik toch nog even snel naar de Marina Bay gegaan, alwaar ik toch wel met stomheid geslagen werd. Wauw, dit had ik hier echt nooit verwacht! Een prachtige boulevard rond het water waar de Singaporezen hun dagelijkse gymnastiek beoefenen. En eens het donker werd, je getrakteerd wordt op een lichtshow met klassieke muziek, lasers, vuur, spuitende fonteinen etc... een mens zou er zowaar door geraakt worden.
Na een deugddoende nachtrust met kleren aan was het de volgende dag tijd om weer in de vlieger te kruipen... richting Beijing. Ik werd blijkbaar beschouwd als zijnde betrouwbaar want ik kreeg een zitje aan de nooduitgang(zaaalige beenruimte!) maar waardoor je dus ook tijdens het opstijgen en landen face to face met een steward zit die mij de kleren van het lijf begon te vragen (Hello Miss, you going to Beijing for holiday? Where you from? How long you stay? Waaa, you travel all alone? Why?...)
Nu zit ik ondertussen 3 dagen op mijn appartementje in Beijing, en ik moet zeggen, het bevalt wel. Het heeft wel iets om eens helemaal 'lost in translation' te zijn, want echt, niemand begrijpt mij. Hetgeen best wel tot hilarische situaties kan leiden. Gelukkig is mijn huisgenootje er nog om mij te helpen.
Mijn eerste dagen in de galerie waren ook best wel ok. Samen met mij werken er nog twee stagiaires met de bloemrijke namen 'Tin Tin' (naar kuifje) en 'Miauw Miauw' (oh boy).
Maar meer daarover volgende keer!
zondag 2 september 2012
maandag 27 augustus 2012
Het aftellen is begonnen...
Nog 6 nachtjes slapen...
Het vertrek komt nu akelig dichtbij!
Binnenkort kunnen jullie via deze blog op de hoogte blijven van al de avonturen die ik zal beleven met mijn reisgezel, de rugzak!
“For my part, I travel not to go anywhere, but to go. I travel for travel’s sake. The great affair is to move.” – Robert Louis Stevenson
Abonneren op:
Reacties (Atom)








